Op de fiets…

Posted December 3rd by Hart in Blog, Mensen

Elke dag fiets ik naar het werk, mits ik niet met de bus ga. Enkele jaren geleden had ik ooit een blogje geschreven over hoe “fantastisch” ik het altijd had in de bus. Fijn op tijd aanwezig, fijn op tijd aankomend op de plaats van bestemming, altijd rook het heerlijk fris – vooral wanneer de moesson in Nederland zijn natte druppels over het aardoppervlak spreidde. Ofwel: het sarcasme druipt er maar weer vanaf bij meneer ter Hart…

Maar goed, terug naar de fiets. In weer en wind (en dan heb ik altijd tegenwind, maakt niet uit welke kant ik op fiets!) fiets ik dus naar werk. De route is eigenlijk simpel. Fiets rechtdoor, sla rechts links rechts en weer rechtdoor. Vervolgens over de fietsbrug en dan alsmaar rechtdoor, dan een keer links, rechts, links, rechts en weer (u raadt het al) rechtdoor… Uiteindelijk word ik dan weer gedwongen om een rechts, links en rechts te doen en op het schoolplein terecht te komen.

Terwijl ik deze route fiets, kom ik altijd dezelfde personen tegen. Een man met snor die de meest ranzige roggels voor zich uit spuwt terwijl hij aan het hardlopen is. Je zou denken dat hij iets anders te doen heeft op de ochtend tussen 8.15 en 8.45 uur. Een ietwat ouder ogende man, die wel eens mijn fysiotherapeut back-in-the-days kon wezen, glimlacht ook altijd vrolijk terug. Zal ook wel denken: “Ken ik die gozer nou of niet? Zit me elke ochtend aan te staren!”

Echter de leukste persoon is een best forse negerin. Aan haar kun je ook tegelijk zien hoe warm het is. Is het niet zo koud, dan heeft ze slechts een “sjaal-muts” op. Het is een soort van sjaal die om haar hoofd is gewikkeld wat dus een muts moet voorstellen. Is het iets kouder, dan heeft ze naast deze sjaal-muts ook handschoentjes aan. Niet van die vrolijke roze (voor vrouwen of whatever) of echt sombere (gewoon weg zwart). Nee, deze mevrouw heeft zulke lelijke groenbruine klompenhandschoenen aan. Ze kijkt ook altijd moeilijk als ze fietst. Meestal kom ik haar op de fietsbrug tegen, fiets ik omlaag zij omhoog. Misschien ligt het daar aan?!

Maar nu zag ik haar een stuk verder, het was ijskoud. Naast de sjaal-muts, klompenhandschoenen had ze nog een of andere bivakmuts-achtig-iets op gedaan. Slechts een mond en ogen waren te zien. Het zag er niet uit. Ik moest van binnen zo hard lachen dat ik bijna de bocht vergat te nemen en zo het weiland in fietste. De tranen sprongen me uit de ogen, die daarna tegelijkertijd ook bevroren. Hoe dan ook, zelfs met dat ‘pak’ aan, moet ze het koud hebben gehad…

Ik ben dan ook altijd benieuwd wat ze de volgende dag heeft uitgevonden om de kou tegen te gaan, kan niet wachten tot morgen…




(required)



(required) (Won't be displayed)


Your Comment: